Psychiatrische patiënten zijn vaker slachtoffer dan dader van geweld
Psychiatrische patiënten zijn vaker slachtoffer dan dader van geweld, en ook vaker slachtoffer dan de gemiddelde Nederlander. Dat zijn twee van de conclusies van het NWO-onderzoeksprogramma 'Geweld tegen psychiatrische patiënten' (GTPP). Om meer kennis te vergaren over het onderwerp, zijn in 2009 vier onderzoeksprojecten van start gegaan binnen het overkoepelende onderzoeksprogramma 'Geweld tegen psychiatrische patiënten'. Astrid Kamperman (Erasmus MC) toonde aan dat de helft van de 957 ondervraagde psychiatrische patiënten in het afgelopen jaar slachtoffer is geweest van geweld. Patiënten blijken zesenhalf keer vaker slachtoffer van mishandeling, en tien keer vaker slachtoffer van bedreiging en woningdiefstal te zijn dan de algemene Nederlandse bevolking. Tweederde van de geweldplegingen gebeurt thuis, terwijl dit bij de algemene Nederlandse bevolking maar in een kwart van de gevallen opgaat. Psychiatrische patiënten zijn vaker slachtoffer dan dader van geweld: 40% van de slachtoffers had in het afgelopen jaar een delict gepleegd.
De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft dit programma in samenwerking met de Stichting tot Steun VCVGZ ontwikkeld.
Lees het NWO persbericht >>
De onderzoekers van vier onderzoeksprojecten presenteren hun bevindingen op 22 mei tijdens het internationale symposium van de World Society of Victimology in Den Haag.Volgens de onderzoekers zouden hulpverleners zich meer bewust moeten worden van het fenomeen slachtofferschap bij psychiatrische patiënten en alert moeten zijn op de signalen. De onderzoekers adviseren de hulpverleners om psychiatrisch patiënten weerbaarder te maken, de dialoog op gang te brengen over het geweldsincident, en ook te letten op subjectieve gevoelens van onveiligheid die er bij de patiënt leven.
Lees het Symposium programma >>
Bemoeizorgers in Rotterdam
In 2000 zond de VARA de documentaire “Vervuild, vereenzaamd en verwaarloosd” uit. Documentairemaker Hans Polak toonde het werk van sociaal verpleegkundigen van de GGD Rotterdam-Rijnmond die zich inspannen om een menswaardiger bestaan te bieden aan mensen aan de rafelrand van de maatschappij: eenzamen, huisvervuilers, drank- en drugsverslaafden, dak- en thuislozen. Tien jaar later filmde Hans Polak hoe het is gegaan met de mensen uit de eerste documentaire. Dit vervolg kreeg als titel mee: “De bemoeizorgers”. Daarin komt naar voren dat de cliënten baat hebben gehad bij de bemoeienis van de GGD-medewerkers. Beelden zeggen vaak meer dan woorden, maar soms zijn de problemen waar deze mensen tegenaan lopen niet te filmen. In een boekje zijn de verhalen van de mensen opgetekend, waarmee een achtergrond wordt geschetst van het ontstaan van de problematiek en de moeilijkheden om hierin verandering te brengen.
Second European Congress on Assertive Outreach
- "Improving Integration"
Juni 2013, Avilés, Asturias Spanje
Assertive Outreach is de verzamelterm voor interventies gericht op zelfstandig wonende, langdurig zorgafhankelijke patiënten. Het eerste Europese Assertive Outreach-congres beoogt behandelaars, onderzoekers, beleidsmaker en patienten bijeen te brengen, en bij te dragen aan de verdere ontwikkeling van kwaliteitszorg voor de meest kwetsbare burgers in de samenleving.
Na het eerste "Crossing Borders"-congres in Rotterdam wordt het tweede congres "Improving Integration" door de European Assertive Outreach Foundation (EAOF) georganiseerd in Spanje.
Regionale verschillen in Bopz-maatregelen
In Nederland is nog weinig onderzoek gedaan naar regionale verschillen in de toepassing van de Wet Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (Wet Bopz). Gegevens uit het Bopz-informatiesysteem over een periode van 12 maanden werden verwerkt. Ontbrekende gegevens werden aangevuld door de rechtbanken in Maastricht, Groningen en Rotterdam. De omvang en de diversiteit van de Bopz-problematiek zijn het grootst in stedelijke gebieden. Regionale variaties in de toepassing van de Wet Bopz blijven bestaan, maar het monitoren van de invloed van verschillen in de interpretatie van de regelgeving en in het aanbod van voorzieningen kan beter.

